Casper Porton

Oprichter en directeur van Addisco

Casper Porton (1985) richtte tijdens zijn studie ‘Griekse en Latijnse Taal en Cultuur’ (GLTC) Addisco Onderwijs op. Onder deze naam maakt hij sinds 2005 de Oude Talen op vernieuwende wijze toegankelijk voor een breed publiek: iedereen die Latijn en Grieks wil leren – ongeacht leeftijd of opleidingsniveau kan bij Addisco terecht.

Na vijf jaar werkzaam te zijn geweest als docent Klassieke Talen op de Kees Boeke school in Bilthoven, helpt Casper sinds 2014 docenten klassieke talen door middel van bijscholing. Een groot deel van zijn vrije tijd besteedt hij aan het ontwikkelen van educatieve websites met betrekking tot de Klassieke Oudheid (Bijleren.nu) en ander lesmateriaal.

Als Casper niet met Grieks en Latijn bezig is, speelt hij saxofoon (Latin, Jazz, Funk), geeft hij les in stijldansen (Latin, Ballroom, Salsa), maakt hij wandelingen door de natuur, doet hij aan contact juggling of volgt hij zelf dansles (carpe diem!).

Even kennismaken met

Casper Porton

Op 6 april 1985 zag ik het levenslicht en niemand heeft toen kunnen raden dat ik uiteindelijk een docent Grieks & Latijn zou worden en deze talen zou onderwijzen in mijn eigen cursusinstituut. Lesgeven is nu al ruim vijftien jaar mijn lust en m’n leven en mijn passie voor Grieks en vooral Latijn gaat heel erg ver. Ik heb iets met deze talen wat moeilijk te omschrijven is.

Maar eerst helemaal terug naar het begin: op de basisschool kon ik nog niet vermoeden wat voor een impact deze talen op mijn leven zouden hebben. De Grieken en Romeinen kende ik natuurlijk wel door de geschiedenislessen, maar het was pas op de middelbare school dat ik met deze talen in aanraking kwam. Het had ook niet veel gescheeld of ik zou door mijn laag uitgevallen citotoetsscore (mavo-advies) deze vakken helemaal nooit hebben mogen volgen.

Enfin, het pakte goed voor mij uit. De Werkplaats Kindergemeenschap in Bilthoven durfde het met me aan en ik werd geplaatst in een havo/vwo-klas waar ik al gauw de gelegenheid kreeg om Latijn als keuzevak te proberen. Ik was meteen verkocht door deze wonderlijke taal en door de van cultuur en etymologie doorwrochte lessen.

In de vierde klas koos ik het profiel natuur en gezondheid (N&G) met als extra vak Latijn, omdat ik al vanaf mijn zesde van plan was om diergeneeskunde te gaan studeren en kennis van Latijn voor de medische termen goed van pas zou komen. Tien jaar later – in de vijfde klas – vielen alle puzzelstukjes pas op z’n plaats: ik kwam tot de realisatie dat ik na de middelbare school waarschijnlijk nooit meer een Klassieke tekst zou vertalen. Dat gaf me een heel naar gevoel en ik besloot mijn droom om dierenarts te worden te verruilen voor een nieuwe droom: ik wilde docent Klassieke Talen worden.

Na mijn eindexamen startte ik in 2004 met de studie GLTC (= Griekse en Latijnse Taal en Cultuur). De studie was leuk en interessant, maar ook taai, zwaar en moeilijk. Tegen verwachting leerde ik de talen niet beheersen en behandelden we de talen als een soort van moeilijk oplosbare puzzels, als haast oncijferbare codes, waarbij het normaal was om zo moeilijk en ingewikkeld mogelijk over de talen te spreken. Ik wilde geen wetenschapper worden, ik wilde lesgeven. Dus in mijn eerste jaar begon ik al direct met bijles Latijn en Grieks aan scholieren te geven. Een jaar later in 2005 richtte ik Addisco Onderwijs op en begon ik ook cursussen Grieks en Latijn aan volwassenen te geven. Ik begon aanvankelijk met kleine groepjes en een handjevol bijlesleerlingen. Maar dat aantal groeide al snel.

Naast het studeren gaf ik dus een aantal avonden in de week les aan volwassenen en had ik al gauw twee dagen nodig om de vele tientallen bijlessers te kunnen bedienen. Hoe meer ik lesgaf, des te meer ik bijleerde.

Vooral van cursussen die ik aan de volwassenen gaf, heb ik veel geleerd (en leer ik nog steeds). Het eerste deel van de naam waaronder ik lesgeef ‘Addisco Onderwijs’ komt van het Latijnse werkwoord addiscere ‘bijleren’. Addisco betekent ‘ik leer bij’. Deze naam slaat niet alleen op mijn leerlingen en cursisten, die als het goed is na elke les iets wijzer zijn geworden, maar ook op mij: ik onderwijs niet alleen, maar leer vooral ook zelf nog steeds bij.

Al gauw bleek de kennis die ik tijdens mijn studie Klassieke Talen (GLTC) opdeed niet toereikend. Mijn cursisten hadden hele andere interesses op gebieden waar aan de universiteit nauwelijks of zelfs helemaal geen aandacht voor was: de Klassieke uitspraak, inscripties, mythologie, kunstgeschiedenis en etymologie. Wat me verder opviel is dat oudgymnasiasten van oudere generaties vaak meer kennis van de Klassieken hadden dan ik als student. Door allerlei veranderingen in onderwijsland en een sterk verminderd aantal uren, zowel op middelbare school als universiteit, had ik het gevoel dat ik een sterk gecomprimeerd en deels uitgekleed programma volgde. Hoe is het mogelijk dat het grammaticaboek dat wij moesten memoriseren vier keer zo dun was als dat wat mijn docenten in hun studietijd moesten leren?

Er zat maar een ding op: naast mijn reguliere colleges begon ik mezelf als een ware autodidact bij te spijkeren op allerlei gebied. Ik leerde mezelf de gereconstrueerde Klassieke uitspraak aan en ging me steeds meer richten op de actieve beoefening van Grieks en Latijn.

Grieks en Latijn zijn dode talen. Dat was het beeld dat me al vanaf de eerste klas van de middelbare school voorgehouden werd en het beeld dat de meeste docenten zelfs aan universiteiten aan toekomstige classici blijven voorschotelen. Jaren geleden tijdens één van mijn vele zoektochten over het wereldwijde web naar nieuw materiaal dat ik kon gebruiken voor mezelf en mijn leerlingen, stuitte ik op een filmpje op YouTube waarin Terence (Terentius) Tunberg en Milena Minkova, beide professoren Latijn aan de universiteit van Kentucky het actieve gebruik van Latijn propageren.
Later bleken er nog vele andere grote Latijnsprekers te zijn zoals Nancy (Annula) Llewellyn, Wilfried (Valahfridus) Stroh en Luigi (Aloisius) Miraglia, één van de beste Latijnspreker ter wereld!

Hoewel ik aanvankelijk ook sceptisch was en dacht dat de sprekers de teksten gewoon voorlazen of uit het hoofd hadden geleerd, was ik ook vooral blij en enthousiast: Het kan dus wel! Langzaam maar zeker kwam ik steeds meer te weten op wat op internet ook wel de ‘living Latin movement’ wordt genoemd: het Latijn onderwijzen als een taal in plaats van als een bijna onoplosbare puzzel.

Langs deze weg is het mogelijk om Latijnse teksten daadwerkelijk van links naar rechts te leren lezen zonder eerste te hoeven puzzelen, analyseren en vertalen. En ook met Klassiek Grieks is dit mogelijk. Wie wil dat nou niet?

Inmiddels geef ik nu zo’n elf jaar op een levendige en actieve manier les. Ik gebruik daar niet alleen de methode van Ørberg bij, maar ook verschillende technieken van de moderne vreemde talen: TPR, TPRS, ER, CI en andere bruikbare technieken die helpen bij het op een natuurlijke manier verwerven van de taal.

Blijf op de hoogte
en mis niets!

Wil je op de hoogte blijven van nieuwe artikelen en onze activiteiten?
Meld je dan aan voor onze nieuwsbrief!