Examenvragen Grieks

Op welke examenvragen Grieks moet je rekenen op het examen? Welk type vragen komt het meest voor? Lees alles over de typen examenvragen waarmee je rekening moet houden op het eindexamen Grieks en welke vaardigheden en kennis je nodig hebt om goed antwoord te kunnen geven.
Share on facebook
Share on google
Share on twitter
Share on linkedin

Op je eindexamen Grieks kun je verschillende type tekstvragen verwachten: vragen over de inhoud van de tekst vormen verreweg het grootste deel van het examen Grieks, maar daarnaast zijn er ook vragen over stijlfiguren, verwijsvragen, cultuurhistorische vragen en bij poëzie: scanderen. Grammaticale vragen komen niet of nauwelijks voor: je kennis over de Griekse grammatica wordt al getest tijdens de vertaalopdracht.

Typische examenvragen Grieks

Inhoudelijke vragen (uitleggen)

Om inhoudelijke vragen goed te kunnen beantwoorden is het belangrijk dat je zo precies mogelijk weet wat er in het Grieks staat. Als je de vertaling redelijk kent, lukt het vaak goed om deze vragen te beantwoorden. Deze vragen herken je aan een vraagstelling met termen als: ‘beschrijf, leg uit, in eigen woorden, formuleer’.

  • r. 13 δόσιν Beschrijf in eigen woorden wie of wat hiermee wordt bedoeld. (Plato, 2014-1)
  • Hoewel Oedipus nu wél bereid is te luisteren, laait zijn woede opnieuw op. Leg uit waardoor dit wordt veroorzaakt. Baseer je antwoord op de regels 438-446. (Sophocles, 2010-1)

Inhoudelijke vragen (citeren)

Sommige inhoudelijke examenvragen vereisen een citaat als antwoord. (Check altijd of je citaat wel echt duidelijk en volledig antwoord geeft op de vraag.) Alleen de vertaling uit je hoofd leren is voor dit vraagtype niet voldoende om goed antwoord te kunnen geven. De vragen zijn wel goed voor te bereiden: let op tekstelementen die herhalen, een tegenstelling vormen, inhoudelijk hetzelfde zijn, uitleg geven of een ander inhoudelijk verband hebben.

  • r. 450 ματαίων Citeer het Griekse woord uit het vervolg (t/m regel 458) waarmee Jason een vergelijkbare kwalificatie geeft van het optreden van Medea. (Euripides, 2013-2)
  • a. Citeer het Griekse tekstelement uit het voorafgaande (vanaf Ἄπληστε r. 38) dat inhoudelijk overeenkomt met οἴνου (regel 40).
  • b. Citeer het Griekse tekstelement uit het vervolg (t/m κατυβρίσας r. 44) waarmee Tomyris hetzelfde bedoelt als met οἴνου (regel 40). (Herodotus, 2016-1)

Inhoudelijke vragen (toepassen)

Toepassingsvragen zijn zeldzaam. Soms komen ze zelfs geheel niet voor op het examen. Bij dit type vragen moet je kennis over de Griekse teksten toepassen in een nieuwe context: een kunstuiting, recensie, artikel of interview. Let op: bij tragedie is de kans op toepassingsvragen hoger.

  • Het volgende citaat is afkomstig uit een recensie door S. Keller van een uitvoering van de Medea in 2008: “De Medea van het Nationale Toneel is een ijzig machtsspel…een heldere, gedegen voorstelling waarin twee topacteurs het tegen elkaar opnemen, maar de ontroering blijft uit.” Medea staat in deze uitvoering volgens de recensie op de rand van een afgrond na het doden van haar kinderen, in een bijna goddelijke onkwetsbaarheid. Beschrijf in eigen woorden op welke manier Euripides Medea’s goddelijke onkwetsbaarheid heeft uitgebeeld. (Euripides, 2013-2)

Vertaalvragen

Sommige vragen behandelen een literaire vertaling van één of twee schrijvers. Als er twee vertalingen worden gegeven, moet je vaak kijken naar de grammaticale en inhoudelijke verschillen tussen de vertalingen. Meestal krijg je echter één vertaling van zin(sdeel). Voor vertaalvragen heb je kennis van de inhoud en de grammatica nodig.

  • r. 1114 wordt door P. Brommer als volgt vertaald: ‘Zijn eigen moeder wijdt het eerst dit offer in tot eer van Bacchos.’ Hoe is Brommers vertaling „offer” te verklaren vanuit de Griekse tekst van deze regel? (Euripides, 2000-1)
  • r. 99-100 worden door E. de Laet als volgt vertaald: “Nadat de dienaressen en het meisje zich te goed hadden gedaan aan de picknick, gooiden ze hun hoofddoek weg en gingen met de bal spelen.” De vertaling van παῖζον is niet geheel correct.
    a. Leg dit uit.
    In de vertaling is de grammaticale structuur van het Grieks niet overgenomen.
    b. Leg dit uit met betrekking tot βαλοῦσαι. (Homerus, 2012-1)

Verwijzen

Bij verwijsvragen moet je citeren of uitleggen waar een voornaamwoord of algemeen begrip als ‘man, alles, vrouwen’ naar verwijst. Verwijsvragen komen niet vaak voor.

  • Noem de namen van de twee oude mannen die in regel 1-2 worden bedoeld. (Euripides, 2000-1)

Stilistiek

Stilistische middelen moet je kunnen herkennen, benoemen en uitleggen. Vragen over stilistiek komen bij poëzie (o.a. Homerus) vaker voor dan bij proza (o.a. Plato, Herodotus).

  • r. 448 γῆν τήνδε καὶ δόμους ἔχειν Citeer uit het vervolg (t/m regel 456) de twee Griekse tekstelementen die hiermee inhoudelijk een antithese vormen. (Euripides, 2013-2)

Cultuurhistorie

Sommige vragen kun je beantwoorden met geen of minimale kennis van de vertaling: je moet vooral de cultuurhistorie geleerd hebben. Tussen de één en drie examenvragen Grieks gaan over achtergrondkennis. Dit type vragen kun je goed oefenen met oude eindexamens.

  • Schets kort de ontstaansgeschiedenis van de antieke tragedie. Verwerk in je antwoord de namen Aristoteles en Dionysia en de termen / begrippen dithyrambe en υποκριτης. Leg in je antwoord tevens de beide termen / begrippen uit. Gebruik bij voorkeur niet meer dan 60 woorden. (Euripides, 2000-1)
  • Verdedig de stelling dat Aristoteles niet tevreden zou zijn geweest over een uitvoering waarbij ontroering uitblijft. Betrek in je antwoord zijn theorie over het effect dat een tragedie op de toeschouwers heeft en met welke middelen dit effect wordt bereikt. Noteer in je antwoord de naam van het effect en de naam van een van deze middelen. (Euripides, 2013-2)
  • ἐπάρουρος is een Myceens woord; κ’ (= κε) en de infinitivusuitgang -έμεν (in θητευέμεν) zijn Aeolische vormen; de infinitivusuitgang -ειν (in ἀνάσσειν) daarentegen is een Ionische vorm. Leg uit hoe het komt dat deze vormen naast elkaar in Homerus’ werk voorkomen. Ga bij je antwoord in op de ontstaansgeschiedenis van het epos. (Homerus, 2012-1)

Grammatica

Heel af en toe sluipt er toch een grammaticale vraag in het examen. Vrijwel altijd betreft dit dan het verschil in aspect tussen een aoristus of perfectum (voltooid) en een imperfectum of praesens (onvoltooid).

  • r. 476 ἔσωσά en regel 481 ἔσῳζε Verklaar het verschil in het gebruikte aspect. Ga in je antwoord op het aspect van beide werkwoordsvormen in. (Euripides, 2013-2)
  • r. 25 Ἐσελθοῦσι en διζημένοισι Licht het verschil in aspectswaarde tussen deze beide werkwoordsvormen toe. Ga daarbij in op de betekenis van de woorden. (Herodotus, 2019-1)
  • r. 33 νικωμένου δὲ τοῦ σκύλακος Deze woorden worden door O. Damsté als volgt vertaald: “toen het hondje het dreigde af te leggen”. Op grond van welk grammaticaal gegeven in de Griekse tekst is de vertaling ‘dreigde’ mogelijk? (Herodotus, 2016-1)

Scanderen

Bij examens Homerus zit er altijd een scandeervraag in. Je moet één regel scanderen en bij vraag b. extra uitleg geven met betrekking tot het metrum: bijvoorbeeld hoe inhoud en metrum op elkaar aansluiten of waarom er gekozen is voor een bepaalde vorm vanwege het metrum.

  • r. 182 ὀχθήσας ἄλοχον προσεφώνεε κεδνὰ ἰδυῖαν a. Schrijf regel 182 over en scandeer de regel. προσέειπε (r. 173) betekent hetzelfde als προσεφώνεε in regel 182. b. Zou de vorm προσέειπε metrisch passen op de plaats van προσεφώνεε in regel 182? Licht je antwoord toe. (Homerus, 2018-1)

Oefenen met examenvragen Grieks

Hoe kun je het beste oefenen voor je examen Grieks? Grieks vertalen oefenen kan gemakkelijk met oude examens. In de onderstaande lijst vind je oude examens per auteur (de vertaaltekst is steeds de laatste tekst). Het bijbehorende correctiemodel kun je via Stilus vinden. Oefenen met examenvragen Grieks is lastiger. Je kunt uiteraard oefenen met de vragen uit je examenbundel (vraag je docenten om een nakijkmodel) en bij Addisco zitten extra examenvragen inbegrepen bij de examentraining Grieks. Voor het examen van 2021 (Bacchae) kun je oefenen met een deel van de vragen uit het examen van 2000.

Reacties

Cerianne Porton

Gerelateerde artikelen

  • Alle
  • Didactiek
  • Eindexamen
  • Et cetera
  • In de media
  • Inspiratie
  • Lesmateriaal
  • Nieuws
  • Opinie
  • Terugblik
Alle
  • Alle
  • Didactiek
  • Eindexamen
  • Et cetera
  • In de media
  • Inspiratie
  • Lesmateriaal
  • Nieuws
  • Opinie
  • Terugblik
Nieuws

Grieks & Latijn in het nieuws

Nieuws

Coronaprotocol

Nieuws

Updates: Corona – COVID-19

Didactiek

Actief Grieks: materiaal voor het actief doceren van Oudgrieks

Eindexamen

Alles over het eindexamen Grieks 2021 – Euripides’ Bacchae

Et cetera

Jazz in het Latijn door Judith Nijland

Blijf op de hoogte
en mis niets!

Wil je op de hoogte blijven van nieuwe artikelen en onze activiteiten?
Meld je dan aan voor onze nieuwsbrief!