Interview met Casper Porton in Amphora – Addisco 20 jaar!

Onderstaand interview met Casper Porton over het 20-jarig bestaan van Addisco Onderwijscentrum verscheen in het maartnummer (2025) van Amphora van de vereniging Vrienden van het Gymnasium.

Chris Engeler, hoofdredacteur van Amphora, stelde de vragen.

Casper Porton werkt sinds 2005 aan het vernieuwen van het onderwijs in de klassieke talen. Dit jaar viert zijn Addisco Onderwijscentrum het 20-jarig bestaan en dat is voldoende aanleiding om eens met Casper te praten over de didactiek die hij in Nederland introduceerde en waar Addisco om bekendstaat: ‘Actief Latijn & Grieks’.

In het begin van Addisco lag de focus op het leren spreken van Latijn en Oudgrieks. Maar nu vermeldt de website dat het ‘leren lezen’ centraal staat. Vanwaar deze switch?

“Er is geen switch. Er is nooit sprake geweest van een focus op het leren spreken van Latijn en Oudgrieks. Dat is een beeld dat vooral tegenstanders van actieve didactiek hebben, omdat je dan makkelijker de didactiek kunt afschrijven zonder écht te kijken naar wat het is en waarom het werkt. Beter en efficienter leren lezen en begrijpen van de talen is vanaf het begin van Addisco de focus geweest: docenten die werken met optimal comprehensible input – zoals wij –, moeten echter wel zélf correct Latijn kunnen spreken en schrijven om hun leerlingen van voldoende goede input te kunnen voorzien.”

Is het echt mogelijk om Latijn en Oudgrieks te spreken? Mij lijkt dat toch behoorlijk moeilijk.

“Je brein is een wonderlijk orgaan dat bij voldoende input vanzelf output gaat geven. Het zit in de menselijke aard om te willen communiceren, om te luisteren en gehoord te worden. Denk aan je moedertaal: daar heb je niet voor ‘geleerd’, maar heb je toch – met alle regels, uitzonderingen, bijzonderheden en eigenaardigheden – als vanzelf, zonder moeite opgepikt tot een bijna foutloos niveau. Dat doe je als kind binnen enkele jaren, maar niet met behulp van woordenboeken en rijtjes stampen. Je leert de taal door heel veel te kijken, te luisteren en te lezen. Dit vermogen van een brein om zich een taal moeiteloos eigen te maken, wordt niet minder krachtig als je ouder wordt. Het enige wat een goede docent doet, is het natuurlijke vermogen tot communicatie van je brein aanspreken. Dan hoef je niet te stampen, rijtjes en uitzonderingen uit je hoofd te leren of oefeningen te maken tot je erbij neervalt. Dát is pas echt moeilijk.”

Wat is Actief Latijn dan wel als leerlingen niet Latijn leren spreken?

“Actief Latijn is de term voor het functioneel en gericht inzetten van gesproken en geschreven Latijn door de docent om leerlingen te voorzien van meer begrijpelijke input. Latijn is een dode taal, die moeten we niet tegen haar zin reanimeren. De schoonheid is juist dat de taal dood en onveranderlijk is. Actief Latijn is verhalen vertellen in het Latijn met correcte, begrijpelijke zinnen, en verduidelijkt door plaatjes, tekeningen of gebaren. Actief Latijn is ook: een complexere zin in simpele bewoording parafraseren om een leerling de kans te geven de betekenis te vatten zonder vertaling. Actief Latijn is een vitaal onderdeel van je toolbox als docent om je lessen begrijpelijk, stimulerend, motiverend en toegankelijk te maken. Het tilt de Latijnse kennis van je leerlingen op een efficiënte manier naar een veel hoger niveau dan je met de grammaticavertaalmethode ooit zou kunnen bereiken.”

Jij bent ervan overtuigd dat iedereen, ongeacht leeftijd of opleidingsniveau, moet kunnen genieten van de culturele schatten uit de oudheid, waartoe Grieks en Latijn de sleutels zijn. Licht dat eens toe. Waarom zijn deze talen ‘sleutels’?

“Men lijkt soms te vergeten hoe ontzettend veel er in de oudheid geschreven is. Het lezen van een tekst in de originele taal geeft je een nuance, diepgang en rijkdom, die in een vertaling in meer of mindere mate altijd verloren gaat. Taal is een weerspiegeling van de cultuur. Het Grieks en Latijn zijn je sleutels tot begrip van ruim twee millennia aan gedachtegoed over filosofie, geschiedenis, cultuur, natuurwetenschappen, mythologie et cetera. Dat is dé reden waarom kennis van die talen niet verloren mag gaan. En ja, ik gun iedereen toegang tot de enorme schat van teksten uit de oudheid. Dat is niet iets wat we moeten beperken tot een specifieke groep.”

Loop je zonder voorkennis dan echt niet tegen problemen op?

“Nee, want ieder die een moedertaal heeft verworven, kan ook een tweede, derde of tiende taal verwerven. Je brein is van zichzelf echt uitmuntend in een taal leren begrijpen, ook als je geen ‘talenmens’ bent. Latijn is niet ingewikkelder dan Nederlands, maar door de grammaticavertaalmethode wordt het wel ingewikkeld gemaakt. Met lessen gebaseerd op optimal comprehensible input komt iedereen tot een hoog leesniveau. Latijnse literatuur lezen blijft wel een uitdaging vanwege het niveau van het Latijn zelf, maar ook door de vele politieke, culturele, maatschappelijke, filosofische en religieuze verwijzingen, die voor een Romein vanzelfsprekend waren, maar voor ons niet. Vergeet ook niet dat veel verloren is gegaan en we alleen de absolute hoogstandjes van de Latijnse literatuur over hebben.”

Addisco onderwijst klassieke talen ‘zonder de noodzaak van puzzelen, analyseren of vertalen’. Dit verbaast me, want het boeiende aan Latijn vind ik nu juist wel het puzzelen en analyseren om tot een vertaling te komen. Wat heb jij hierop tegen?

“Ik ben niet tegen grammatica of vertalen als aspecten van een taal, maar beide zouden overbodig moeten zijn om tot begrip te kunnen komen. Als je een Engelse tekst leest, dan hoef je toch ook niet eerst te analyseren en te vertalen voordat je begrijpt wat er staat? Je zou het wel kunnen analyseren, je zou elk woord grammaticaal kunnen benoemen als je dat wilt, maar dat is geen vereiste om het te kunnen lezen en begrijpen. Zo werkt het met Latijn of Grieks ook: lezen en vertalen zijn twee verschillende vaardigheden. Hoe heerlijk als je – zoals wij doen – in een uur een tekst van veertig, vijftig regels kunt lezen, echt lézen, zodat je meteen begrijpt wat er staat? Dan kun je eventueel daarna nog kijken naar hóe het er staat: welke leuke constructies er staan of hoe je dat kunt weergeven in het Nederlands. Dan blijft er meer tijd over voor kunst, cultuur, historie en alle andere aspecten van de klassieke oudheid, die zo interessant zijn. Grammaticagericht onderwijs vertraagt de hoeveelheid tekst die je kunt behandelen enorm en verplicht je leerlingen om eerst woorden en rijtjes te stampen en alles te analyseren en te vertalen om enigszins te begrijpen wat een zin betekent. Hoe heerlijk is het dat je meer kunt lezen in minder tijd, zonder de verplichting van vertalen.”

Tot mijn lichte verbazing gebruikt Addisco Lingua Latina per se illustrata, waarvan je ook distributeur bent. In mijn beleving is dit een stokoude methode. Wat is voor jou dan de kracht ervan?

“De methode Lingua Latina per se illustrata komt uit de jaren vijftig van de vorige eeuw, dus in die zin is het een ‘oud’ boek. We zijn distributeur van deze methode geworden, omdat het destijds niet meer verkrijgbaar was in Nederland. Het is de enige volledig geattesteerde methode-Latijn op de markt. Daarnaast is de methode het enige lesboek waarin de teksten voldoen aan het principe van comprehensible input: elk nieuw woord wordt, deels ook visueel, uitgelegd of vanuit de context duidelijk gemaakt en ook veelvuldig herhaald, zodat je brein de tijd heeft om de nieuwe kennis te verwerven. Stampen en vertalen is daardoor niet nodig. Het aantekeningensysteem is ook briljant, waardoor je geen woord hoeft te vertalen. Lingua Latina ziet er wellicht niet flitsend uit, omdat ook de afbeeldingen gedateerd zijn, maar het is dusdanig goed, dat het met kop en schouders boven andere beschikbare methodes uitsteekt. Het is wel een boek waarbij je een docent nodig hebt, die met actieve didactiek werkt. Voor Oudgrieks gebruiken we een methode – gebaseerd op Lingua Latina – die nog in ontwikkeling is door onze docenten Mari van de Ven en Jelt Blauw.”

Vertel eens iets meer over de Addisco Docentendag en Zomerscholen? Wat doen jullie dan en wie zijn de deelnemers?

“De Addisco Docentendag is een gelegenheid voor docenten die met Actief Latijn werken om ideeën en lesmateriaal uit te wisselen en te sparren met collega’s van andere scholen over werkvormen en differentiatie in de klas. Het programma wisselt per jaar afhankelijk van de behoefte uit het werkveld. Tijdens de Zomerschool hebben we de gelegenheid om deelnemers een week lang volledig onder te dompelen in de taal. Je ziet dan een enorme boost in hun taalvaardigheid: we lezen elk jaar andere teksten, vaak rond bepaalde thema’s en de groepen zijn op niveau ingedeeld. Deelnemers komen uit binnen- en buitenland. In 2024 hadden we deelnemers uit onder andere Zwitserland, Brazilië, Spanje, Duitsland en de VS. Er doen docenten mee, die hun eigen actieve taalvaardigheid willen vergroten, aangezien de studie Klassieke Talen in dit aspect tekortschiet. We zien volwassenen zonder enige voorkennis, oud-gymnasiasten, scholieren. Het is elk jaar weer een bonte mix van allerlei verschillende mensen met diverse achtergronden. Tijdens de lessen wisselen we veel werkvormen af: we lezen stukken tekst, parafraseren, doen wandelingen en spelletjes in het Latijn, een zangworkshop, schrijfoefeningen voor de gevorderden, lessen didactiek voor de docenten. De grote meerwaarde is dat we topdocenten uit het buitenland kunnen laten komen om te doceren. Zo komt Roberto Carfagni* al jaren naar de Addisco Zomerschool. Hij is echt één van de beste sprekers van Latijn ter wereld. Zijn Latijn blaast je werkelijk omver.”

* Roberto Carfagni (1983) begon in 2012 met online lessen Latijn. Vanwege de grote belangstelling richtte hij samen met vrienden en docenten Klassieke Talen in 2016 de Schola Latina op.

Misschien houd je het huidige gymnasiale onderwijs in Latijn en Oudgrieks in de gaten. Dat is in de afgelopen decennia op basis van didactische ontwikkelingen en inzichten toch wel behoorlijk veranderd. Wat is jouw mening daarover?

“Addisco kwam voort uit een intrinsieke nieuwsgierigheid vanuit mezelf om te zoeken naar de beste manier van taalonderwijs. Natuurlijk houd ik dus de ontwikkelingen nauwlettend in de gaten. Het zou vreemd zijn als ik dat niet deed! Het valt mij juist op dat er weinig sprake is van significante veranderingen op scholen. Het lerarentekort groeit gestaag, de problematiek bij Klassieke Talen stapelt zich op, de examenresultaten en motivatie onder leerlingen lopen al jaren terug. We zouden graag zien dat de onderwijspraktijk voor Klassieke Talen op middelbare scholen door een inhoudelijke, wetenschappelijke discussie de komende jaren een metamorfose zou doormaken ten gunste van zowel de leerlingen als de docenten. We zien echter een zekere starheid in het onderwijssysteem, waardoor veel docenten overwerkt zijn, anderen door middel van drogredeneringen wetenschappelijke inzichten naast zich neerleggen en het onderwijs daarom met de jaren verslechtert. De oplossing wordt echter steeds in de verkeerde hoek gezocht: meer grammatica, meer toetsen, meer oefenen, meer stampen en minder Latijn doen, want het is allemaal ‘te veel’. Er wordt geklaagd dat leerlingen hun huiswerk niet maken, niet leren voor een toets, dat er te weinig uren zijn. Actief Latijn en comprehensible input zijn oplossingen voor vrijwel alle problemen. Als leerlingen meer Latijn lézen tijdens de les, beter leren begrijpen wát er staat en minder hoeven te focussen op grammatica, dan kunnen we meer leesmeters maken. Dan bouwt de woordenschat zich als vanzelf op en maakt het ook niet uit als leerlingen buiten school nauwelijks iets doen aan Latijn. En wie goed kan lezen, kan ook makkelijker en beter vertalen. Toetsen moeten we beperken tot een minimum, het is alleen maar zonde van de lestijd. Dat scheelt docenten ook meteen een bak aan nakijkwerk. Het zal geen makkelijke transitie zijn, maar als we willen dat het gymnasium blijft voortbestaan, moet er wel wat gaan veranderen.”

Tot slot de onvermijdelijke vraag: zie jij duidelijke taken voor organisaties en verenigingen, zoals de Vereniging Vrienden van het Gymnasium, voor de toekomst?

“Het is altijd noodzakelijk om te blijven strijden voor beter onderwijs en de Klassieke Talen. Welke rol iedereen kan spelen voor dat doel, is lastig te bepalen. In ieder geval moeten leerlingen en ouders beter onderwijs blijven eisen, docenten blijven strijden voor de status van de docent en voldoende tijd hebben voor bijscholing. Scholen moeten kwaliteit waarborgen en de regering moet effectieve maatregelen treffen om het lerarentekort te verminderen. Misschien dat verenigingen en belangengroepen hun rol kunnen pakken als verbindende factor tussen alle spelers in het veld.”

Didactiek & werkvormen Latijn

Addisco Onderwijscentrum biedt diverse taalcursussen Latijn, Grieks, Egyptisch, Hebreeuws aan op alle niveaus, zowel op de eigen locatie als online. Daarnaast zijn er lezingen, reizen, excursies en is er de Zomerschool Latijn & Grieks. Zie voor meer informatie: addisco.nl

Amphora (viermaandsblad van de vereniging Vrienden van het Gymnasium) – Maart 2025 – jaargang XLIV – nummer 1

Reacties

Gastauteur

Blijf op de hoogte
en mis niets!

Wil je op de hoogte blijven van nieuwe artikelen en onze activiteiten?
Meld je dan aan voor onze nieuwsbrief!